De basis van een gezond voedingspatroon uitgelegd in drie simpele stappen

 

De basis van een gezond voedingspatroon uitgelegd in drie simpele stappen

Proportie – Eet verse voedingsmiddelen zoals groente en fruit vaker dan gefabriceerde voeding zoals pizza en friet.

Variatie – Eet iedere dag wat anders

Moderatie – Eet alleen wanneer je honger hebt en we stop wanneer je vol zit

Samen vormen deze drie gewoontes de basis van een gezond voedingspatroon. Als je ze alle drie toepast is het bijna onmogelijk om ongezond te eten. Wanneer proportie, variatie en moderatie geleerd worden is er ook veel minder strijd aan tafel. Je focust je minder op wat je kind dagelijks eet of op welke nutriënten je kind binnenkrijgt. Dat hoeft ook niet meer omdat deze drie gewoontes ervoor zorgen dat je kind zelf gezonde keuzes leert maken, binnen een kader wat jij als ouder hebt gezet, en dat is waar het uiteindelijk omdraait. Wat houden deze drie gewoontes in? 
Proportie
Houdt in dat je eet in proportie naar de gezondheidsvoordelen van het product en dat daardoor verse gezonde en volkoren producten de hoofdrol spelen in jullie voedingspatroon. Met daarbij ook ruimte voor minder voedingsrijke producten in een kleinere hoeveelheid.

Variatie
Betekent dat je iedere dag wat anders eet en variatie aan blijft bieden. De smaakpapillen van je kind raken gewend aan de variatie en verwachten dit op een geven moment ook waardoor ze steeds vaker open zullen staan om nieuwe dingen te proberen.

Moderatie
Eet de juiste hoeveelheid voeding en luister naar het lichaam, niet naar het bord. Deze drie gewoontes leggen de basis voor een gezonde alleseter die later zelfstandig instaat is om gezonde keuzes te maken en niet te eten vanuit emotie of sterke smaakvoorkeur voor bijvoorbeeld suiker of vet.

Daarnaast is het ook belangrijk dat we met kinderen over voeding praten. Vaak worden alleen de fundamentele onderdelen van voeding geleerd: Dit is een sinaasappel, het is een fruitsoort en het is gezond. Wat nog wel eens vergeten wordt is je kinderen te vertellen wat, wanneer, waarom en hoeveel te eten.

Wat – Als ouder bepaal je wat er op tafel komt te staan en zet je het framewerk voor een gezond voedingspatroon. Er worden geen vervangende maaltijden geserveerd of buiten de eetmomenten om gegeten. Geef je kinderen daarbij wel regelmatig keuzes en zorg ervoor dat er altijd wat op tafel staat waar je kind van geniet. Wat vinden jullie lekker? Welke groente willen jullie deze week eten?

Wanneer – Je kind heeft iedere 2 á 3 uur een eetmoment nodig. Tussendoor hoeven geen tussendoortjes gegeven te worden om haar honger te stillen. ‘Mama, ik heb honger. Dat komt goed uit, ik ook. Gelukkig kunnen we over een uurtje lekker lunchen.’

Waarom – Omdat het belangrijk is goed voor je lichaam te zorgen. Je kan er goed door voetballen, je toetsen beter maken en je voelt je vrolijker. Alle voedingsmiddelen passen in een gezond voedingspatroon, maar alles heeft zijn eigen portiegrootte.
Hoeveel – Stop met eten wanneer je vol zit ook al is je bord nog niet leeg. Dit zorgt ervoor dat kinderen op latere leeftijd niet overeten en ook niet de drang voelen om overbodig te snacken. Vol is vol en over een aantal uur is er weer een eetmoment.
Door kinderen te leren wat, wanneer, waarom en hoeveel hebben kinderen een duidelijke richtlijn waar ze zich aan vast kunnen houden. Dit vormt de basis voor gezonde eetgewoontes.